Toch vreemd dat de gemeente blijft volhouden niet te weten hoeveel statushouders een uitkering hebben. De VVD vroeg er om en ook amstelveenblog.nl. Maar er komt steeds als ontwijkend antwoord dat statushouders nu eenmaal als gewone Amstelveners worden gezien en er dus geen onderscheid kan worden gemaakt. Ofwel: Men zegt het niet te weten.

Hoe pikt de gemeente hen er dan tussenuit als over vijf jaar opnieuw moet worden bekeken of de verblijfsvergunning voor die vluchtelingen kan worden gehandhaafd? Ook dat vroeg ik nog. O, dan is er wel een code, luidde het antwoord.

Nu begrijp ik pas dat die digitale systematiek bij de gemeente een soepzooitje is, want die code kan kennelijk niet worden verbonden aan het bestand der uitkeringsgerechtigden. In Rotterdam blijkt men, hoorde ik op tv, exact te weten om hoeveel statushouders het gaat. 95% van hen leeft daar van de bijstand. Kan dus geen werk vinden. Ik neem direct aan dat het in Amstelveen een lager percentage is. Maar welk? Daarover tasten we dus in het duister.

CBS

Hoe zou Amstelveen dat aan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hebben doorgegeven? Dat weet namelijk te melden dat anderhalf jaar na het verkrijgen van een verblijfsvergunning in 2014 gemiddeld vier procent van de 18- tot 65-jarige asielzoekers werk had. Een jaar later (dus na 2,5 jaar) was dat opgelopen naar 11 procent. Zou het CBS Amstelveen niet hebben meegerekend, omdat daar de cijfers – in tegenstelling tot blijkbaar andere gemeenten – volledig onbekend zijn?

“Veel statushouders zijn dan nog aan het inburgeren”, meldt het CBS. In opdracht van de ministeries van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Justitie en Veiligheid, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft het bureau onderzocht hoe het asielzoekers vergaat die vanaf 2014 in Nederland zijn aangekomen.

In 2014 kregen 20 duizend asielzoekers een verblijfsvergunning asiel. Bijna drie kwart van deze statushouders komt uit Syrië (10 duizend) of Eritrea (4 duizend). Na het verkrijgen van de vergunning moeten de statushouders binnen drie jaar slagen voor het inburgeringsexamen. Op 1 oktober 2016 was dat nog maar gemiddeld 6 procent gelukt. Van de statushouders uit Syrië en Eritrea was dat nog iets lager (5 procent en 4 procent).

Horeca

Van de statushouders die in 2014 een vergunning kregen en 18 maanden later een baan hadden, werkte bijna de helft in de horeca. Daarnaast komen banen in de uitzendbranche en de handel veel voor. Na 30 maanden werkte nog 36 procent in de horeca, het aantal werkenden in de uitzendbranche nam toe van 17 procent naar 24 procent. Meestal gaat het om een contract voor bepaalde tijd en om deeltijdwerk. Van de statushouders die werken, werkte na 18 maanden 6 procent als zelfstandige. Na 30 maanden is dit gedaald naar 1 procent.

Maar ja, dat zijn landelijke cijfers. Amstelveen vormt blijkbaar een eiland, waar men niets over weet…

 

 

8 REACTIES

    • Aanvankelijk werden statushouders zonder aanwezigheidheid van tolken bij de gemeente te woord gestaan. Het is toch wel vreemd dat nadat de SP hierover o.a. vragen had gesteld, er plotseling wel tolken geregeld konden worden. Tevens is het nog steeds vreemd dat hooggeschoolde statushouders in de ICT of die vloeiend Engels spreken gedwongen worden om tegelijkertijd een inburgeringscursus (terecht) te volgens en tevens aangeleerd werk te doen , waardoor zij veel langer met hun opleiding bezig zijn. Ik vraag mij af of dit geen maatschappelijke verspilling is, maar blijkbaar is de gemeente niet die mening toegedaan.

      • Je zegt het veemd te vinden dat statushouders die in de ict werken, of de statushouders die vloeiend engels spreken gedwongen worden een inburgeringscursus te volgen. Maar je vind dat wel weer terecht.

        En hoe zit dat dan met de overige statushouders die niet in de ict werken of niet vloeiend engels spreken… Die doen er niet toe?

        Wat bedoel je nu eigenlijk? Zeg het eens gewoon ronduit.

        • Men moet gewoon naar de mogelijkheden van elk persoon apart kijken en dat gebeurt niet. Officieren van defensie in een land elders moeten maar in de kassen beginnen bijvoorbeeld. Ronduit verspilling van talent.

  1. Men weigert dus gewoon om info te verstrekken of het is inderdaad een digitale janboel. In beide gevallen is het misschien verstandig om een beroep op de WOB te doen. Dan komt de waarheid wel naar boven.

    • Toevoeging: In beide gevallen spreekt het voor zichzelf dat dit een kwalijke zaak is, waarin zo gauw mogelijk actie op dient te worden ondernomen.

      • En welke aktie stel je voor?
        Maar voor dat je aktie gaat ondernemen lijkt het mij verstandig dat je eerst duidelijk kan maken waar je aktie voor voert.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here