Oud-raadslid en nestor van de gemeenteraad Esther Veenboer, die ook de PvdA-fractie aanvoerde, zei bij het plaatsen van de Stolperdrempel der ‘kleine sjoel’ aan de Randwijcklaan dat het erop leek of heel Nederland tijdens WO2 in verzet was gekomen. Aan die woorden dacht bij de presentatie van het boek van Bart Wallet over de Joden in Amstelveen, bij boekhandel Venstra aan het Stadsplein. Veenboer wist wel beter. De verzetsrijders vormden hooguit vijf procent, van wie velen hun activiteiten met de dood moesten bekopen. De meeste Nederlanders, ook Amstelveners, keken weg. Zij stonden erbij en zagen hoe de Joden van de openbare scholen werden verwijderd en in de ‘kleine sjoel’ een ‘Jodenschool’ begonnen om o.a. te voldoen aan de Leerplichtwet.
“Zonder Hugo was dit boek er niet geweest”, zei Wallet, die vervolgens het exemplaar aan burgemeester Tjapko Poppens overhandigde (foto).
Herdenking
Hugo van der Kooij, voormalig bestuurslid van Amstelveen Oranje, nam daar vooral de herdenkingen onder zijn hoede. Daardoor kwam hij met de Joodse Gemeenschap in aanraking. Het project ‘Nooit meer teruggekomen’ omvat méér dan het boek ‘Hoop en wanhoop’ van Bart Wallet, legde hij in zijn inleiding uit. Het bevat ook het monument ‘Nooit meer teruggekomen’ aan de Prins Bernhardlaan, waar de jaarlijkse herdenking van Joodse slachtoffers van de tweede wereldoorlog wordt gehouden, en lesbrieven voor de basisscholen en het middelbaar onderwijs. De schrijver Franz Kafka schreef in 1912 al over de huivering die vele Joden daarna hebben ervaren, zei Van der Kooij. Men had gewaarschuwd kunnen zijn. Bart Wallet schreef over de vrij jonge Joodse gemeenschap die zich tussen 1930 en 1970 in Amstelveen vestigde. In andere plaatsen gebeurde dat al in de 17e en 18e eeuw. Joodse mensen kwamen vooral uit Amsterdam, terwijl zich ook een contingent Duitse Joden hierheen kwam, onder meer wegens de druk die zij in Duitsland begonnen te ervaren. Die nieuwkomers zorgden voor verandering van de bevolking. De voornamelijk agrarische gemeente, waarin het toenmalige Oude Dorp protestant en Bovenkerk katholiek was kregen er Joden bij, die gingen wonen in de destijds nieuwe wijken. Niet voor lang overigens. Zij doken onder buiten Amstelveen, terwijl Joden van elders zich juist in Amstelveen vestigden. Temidden van NSB’ers. Ongeveer de helft van de Joden werd vermoord – overigens een kleiner percentage dan elders – maar er was ook verzet. In Elsrijk bijvoorbeeld, waar huizen werden gevorderd voor Duitse officieren, terwijl bijna onder hun ogen mensen werden verstopt. Maar toch kwamen honderden Joden niet meer terug, waaraan nu een monument herinnert. Blijkbaar had ook burgemeester Haspels het moeilijk met de nieuwe overheid en werkte mee toen Joodse kinderen op openbare scholen werden geweigerd. Pas zijn opvolger, de NSB’er Westendorff, liet de Joden oppakken. Het Befehl ist Befehl-principe is voor 95% van de Nederlanders toch je ware. Zij keken weg. Ik vraag mij af of de educatie van de jeugd daar nu iets aan verandert….









































