De fracties van GroenLinks-PvdA en D66 in Amstelveen hebben schriftelijke vragen gesteld aan het college van B en W over de organisatie en impact van het bloesemseizoen in het Bloesempark in het Amsterdamse Bos, dat volledig op Amstelveens grondgebied ligt. De raadsleden spreken waardering uit voor de inzet van de gemeenten Amstelveen en Amsterdam bij de organisatie van de jaarlijkse bloesemdrukte. “De logistiek rondom crowd management, mobiele voorzieningen, verkeersregeling en bewegwijzering is zorgvuldig opgezet,” zeggen raadsleden Gert Jan Slump (GL/PvdA) en Maarten de Haan (D66).
Tegelijkertijd zeggen zij steeds meer signalen van bewoners te krijgen die zich zorgen maken over de schaal en impact van de vele bezoekers.
Natuurgebieden
Volgens de vragenstellers omschrijven inwoners het Bloesempark tijdens de bloeiperiode als “een pretpark en geven aan zich er niet meer thuis te voelen”. De raadsleden vinden dat een reden om te constateren dat de ambitie uit de gemeentelijke evenementenvisie ‘een goede balans te waarborgen tussen levendigheid en leefbaarheid onder druk staat in het Bloesempark.’ Ook vragen Slump en De Haan aandacht voor de ecologische impact. “Het Bloesempark grenst aan kwetsbare natuurgebieden zoals De Poel en de Oeverlanden, waar juist in de bloeiperiode het broedseizoen plaatsvindt. Dierenwelzijn en bescherming van kwetsbaar groen verdienen een volwaardige plek in de afweging,” vinden zij.
Duideijkheid
Met hun vragen willen de raadsleden meer duidelijkheid krijgen over de verhouding tussen kosten en baten, en de manier waarop het college de huidige ontwikkelingen beoordeelt in het licht van het lokale evenementenbeleid. Ook pleiten zij voor een evaluatie van de huidige aanpak in de jaren 2026 en 2027, mede met het oog op de geplande vernieuwing van het Bloesempark richting 2029. “Het Bloesempark en de bloeiperiode is voor veel mensen een waardevol en geliefd evenement. Juist daarom blijft een zorgvuldige afweging noodzakelijk. Het succes mag niet ten koste gaan van de leefbaarheid en natuurwaarden in het park en in de aangrenzende natuur,” zeggen de raadsleden.











































